Onstabiel: betekenis, gebruik en synoniem

Onstabiel: betekenis, gebruik en synoniem

'Onstabiel' betekent niet stabiel, niet vast, wankel of veranderlijk. Het is een correct Nederlands woord met het Germaanse voorvoegsel 'on-'. Synoniem: 'instabiel'. Beide vormen zijn goedgekeurd door Van Dale en worden door taaladviesbureaus zoals Onze Taal gelijkwaardig behandeld. 'Onstabiel' klinkt iets alledaagser; 'instabiel' iets formeler.

Wat betekent onstabiel?

Onstabiel omschrijft iets dat niet vast staat, wankelt of aan verandering onderhevig is. Toepasbaar op fysieke voorwerpen (een onstabiele stoel), op mensen (onstabiel humeur), op situaties (onstabiele economie) en op systemen (onstabiel wifi-signaal).

Synoniem: instabiel

Instabiel is de Latijnse tegenhanger, met identieke betekenis. In wetenschappelijke en medische teksten wordt vaker 'instabiel' gebruikt; in dagelijkse taal is 'onstabiel' natuurlijker.

Andere synoniemen

  • Wankel
  • Onvast
  • Wisselvallig
  • Wisselend
  • Ongelijk
  • Broos (bij karakter)

Voorbeeldzinnen

  • De tafel wiebelt, hij is onstabiel.
  • Ze heeft een onstabiel humeur, moeilijk in te schatten.
  • De verbinding is onstabiel, blijf even geduld hebben.

Onstabiliteit

Het zelfstandig naamwoord 'onstabiliteit' bestaat ook, evenals 'instabiliteit'. Beide correct.

Tegenovergesteld

Antoniem: stabiel, vast, standvastig, in evenwicht.

Kort samengevat

Onstabiel = niet stabiel, wankel. Synoniem van instabiel. 'Onstabiel' is gebruikelijker in spreektaal, 'instabiel' in vaktaal. Beide correct Nederlands.